IMG_0504

Augurken en opblaasdonuts

 

Ik loop helemaal overprikkeld over Schiphol. Overal nederlands-sprekende mensen, mondkapjes, gehaaste business-mensen die een trein moeten halen, en KOU. God wat is het koud. Daar ben ik weer hoor. Nederland did you miss me? Well, dat is in ieder geval niet wederzijds. Begrijp me niet verkeerd, het vooruitzicht dat ik eindelijk weer mijn moeder een dikke knuffel kan geven, mijn katje weer over zijn zachte haren kan strijken, bij het nieuwe huis van mijn broertje kan gaan kijken, en mijn vriendinnen weer in ‘t echie in de ogen kan kijken in plaats van via een schermpje klinkt heerlijk, maar verder heb ik niet meer zo heel veel meer met Nederland. 

Luid toeterend zie ik een auto aan komen rijden bij de Kiss&Ride, met daarin het betraande gezicht van mijn moeder. Een warm gevoel trekt door mijn hele lichaam en ik ren op haar af. Ik ben weer thuis, bij haar. Helemaal klaar voor een week ‘hotel mama’: we hebben het draaiboek met alle lievelingsgerechten voor die week al vastgesteld. Ik. Kan. Niet. Wachten. Er is alleen een ding wat ik een ienieminiepietsje onderschat heb. Want na bijna 5 maanden in een andere tijdszone is mijn biologische klok wel zo ingesteld op die 7 uur tijdsverschil dat ik ’s avonds onmogelijk in slaap kom en honger heb op de meest onlogische tijdstippen. Dus als ik wederom ’s nachts stilletjes naar de keuken sluip komt Sem, mijn katje, even polshoogte nemen. Hij kijkt me aan alsof ie hardop denkt: what the fuck human why are you eating pickles out of a jar and drinking wine out of a bottle at 3 am? Ik luister daarna uren naar kabbelende beekjes via een meditatie-app en een zwoele mannenstem die op repeat ‘breathe in, breathe out’ blijft fluisteren, maar slapen lukt gewoon niet. En opstaan de volgende dag ook niet. Na 6 dagen is het me uiteindelijk gelukt om tegen 2 uurs nachts in slaap te vallen, en ’s ochtends om 10 uur op te staan. We’re getting there. 🙂 

Ik zal het jullie niet aandoen om een hele blog te wijden aan de week in Nederland, maar in het kort: veel eten, weinig slapen, wat zakelijke afspraken, koffietjes bij vrienden en familie, en…. me klaarmaken voor mijn volgende avontuur. Zoals in de vorige blog al aangegeven heb ik een nieuwe opdracht (inclusief veel meetings) en is het dus niet zo handig om me in een land te bevinden waar er veel tijdsverschil met Nederland is. Maarja, het is inmiddels pas januari en in het zuiden van Europa is het dan nog niet warm genoeg naar mijn smaak. Dus toen ik in de afgelopen weken bij een aantal mede-reizigers mijn dilemma dropte en vertelde dat ik nog niet zo goed wist waar ik heen wilde, werd deze bestemming me al zo vaak aangeraden dat ik toch wel nieuwsgierig werd. Deze stad heeft me nooit echt heel erg aangetrokken, maar vooral omdat ik er eigenlijk heel weinig over wist. Dus toen ik uitvogelde dat het daar nu hartje zomer was, er maar 1 uur tijdsverschil met nederland is, en dat er veel mensen zijn die zoals ik reizen en werken, besloot ik de gok te wagen. Op naar ‘The mother city’. Op naar Kaapstad in Zuid-Afrika.  

Na een vlucht van 11 uur (overdags!) landde ik ’s avonds op het vliegveld en nam een taxi naar mijn AirBnB. Ik zou hier 5 weken verblijven, en ik had een prima appartementje middenin het centrum geboekt zodat ik lekker ‘dicht bij alles’ zou zitten. Het eerste weekend chillde ik een beetje in het appartement om even goed te landen (ik ken mezelf inmiddels goed genoeg om te weten dat ik daar echt even de tijd voor moet nemen), deed boodschappen, en genoot van het PRACHTIGE uitzicht vanaf mijn balkon. Ik kijk namelijk recht op ‘Lions Head’. Ik heb geen idee waarom deze zo wordt genoemd, want ik vind het allerminst op een leeuwenhoofd lijken, maar kijk vooral even zelf naar het uitzicht hieronder. Een ode aan lions head met zonsondergang: 

 

 

De eerste week werk ik lekker vanuit mijn appartementje, geniet van mijn nieuwe lievelingssupermarkt WoolWorths en het koken voor mezelf (na 5 maanden uit eten is het ook wel eens lekker om je eigen uitjes en knoflook te snijden!) en ik besluit in het weekend daarna in een hostel te gaan slapen zodat ik wat mensen kan ontmoeten. Ik kom terecht in het ‘sunflower backpackers hostel’ en loop de eerste avond vol goede moed naar beneden. Wat een heerlijke vibe! Er is een barretje waar je voor 1 euro een biertje kan kopen, mede-reizigers en locals zijn bierpong aan het spelen, en er is vooral heel veel muziek. Samen zingen is in Afrika volgens mij een flink onderdeel van de cultuur, want te pas en te onpas switchen mensen tijdens het praten over naar het zingen van een liedje alsof ze de hoofdrol van een musical te pakken hebben, en alle omstanders doen luidkeels mee. Ik weet niet of je mij ooit hebt horen zingen, maar ik kan je vertellen: het is niet fraai. Ik sta op het begin dan ook een beetje awkward en heupwiegend mee te doen, maar des te meer biertjes erin gaan des te meer de volumeknop in mijn keel omhoog wordt gedraaid. Ik heb een heerlijk weekend met gezellige mensen, ronddobberen in een opblaasdonut in het zwembad en een Afrikaanse Braai (a la nederlandse BBQ maar dan lekker). En het allergezelligste: ik heb er weer een hele bups vrienden bij. 

Een ding wat ik trouwens haat aan hostels: je moet altijd op iedereen wachten. Niet alleen in Zuid-Afrika hoor, het lijkt wel alsof het een soort van ongeschreven reden in hostels overal over de wereld is om altijd te laat te komen, en dan minstens 1,5 uur. Om je een idee te geven, het gaat zo: Zullen we vanavond om 19:00 uur gaan braaien? Ja gezellig ik doe mee! Nou, Manon staat dus netjes om 18:55 met haar vleesjes en groentes klaar in de keuken om aan de slag te gaan. Nope, nope, nope, dat is niet hoe het werkt in hostels. Want eerst moet persoon A nog douchen, en persoon B moet nog even langs de winkel, en persoon C moet nog even met zijn moeder bellen, en persoon D is nog niet terug van het strand. En tegen de tijd dat die laatste dan eindelijk terug is en je denkt dat we kunnen beginnen, is persoon A alweer gevlogen om zijn cactus water te gaan geven en heeft persoon B inmiddels besloten dat ie zijn volledige foto-album van zijn telefoon op zijn laptop moet zetten. En als dan om 21:30 uur eindelijk mijn vleesje op de braai ligt ben ik zo chagrijnig van de honger dat 3 hele kippen opeet en vervolgens met een after-dinner-dip op de barkruk in slaap val. 

 

Nou, ik ga even naar de tandarts (dat moet ook gebeuren he!) 

 

Baie dankie, en tot de volgende!